Visie eerstelijnszorg 2030
Hoe houden we een bezoek aan de huisarts, een behandeling bij de fysiotherapeut en de zorg van een wijkverpleegkundige toegankelijk en betaalbaar voor iedereen?
Gezondheid is een groot goed. Maar gezond zijn is niet vanzelfsprekend. Iedereen krijgt op bepaalde momenten in het leven te maken met vragen over gezondheid en ziekte. En dan is het belangrijk dat je een passend antwoord op die vragen krijgt. Wie je ook bent, waar je ook woont. De eerstelijnszorg speelt daarbij een belangrijke rol: de eerstelijnszorg in Nederland beantwoordt verreweg het grootste deel van de zorgvragen en draagt zo bij aan een krachtige én betaalbare gezondheidszorg. De zorg van onder meer huisartsen, (wijk)verpleegkundigen, verzorgenden, apothekers, fysiotherapeuten, diëtisten, arts verstandelijk gehandicapten en specialisten ouderengeneeskunde is van levensbelang.
Het tij keren: een nieuwe visie op eerstelijnszorg
De eerstelijnszorg speelt dus een cruciale rol in ons zorgstelsel, maar staat ook al jaren onder druk. Wat is er nodig om het tij te keren? AEF heeft het proces begeleid dat leidde tot de Visie eerstelijnszorg 2030 in opdracht van het Ministerie van VWS. Hiervoor hebben we samengewerkt met: InEen, LHV, NHG, Patiëntenfederatie, ZN, ActiZ, V&VN, Zorgthuisnl, KNMP, KNGF, Paramedisch Platform NL, Verenso, NVAVG, VNG, Sociaal Werk Nederland, VWS, NZa en Zorginstituut Nederland. AEF'er Aris van Veldhuisen was betrokken bij dit traject. Aris: "juist de samenwerking in de wijk is zo belangrijk om de zorg betaalbaar en toegankelijk te houden. Maar dan moet je die samenwerking wel structureel vormgeven."
Om de toegankelijkheid en continuïteit van de eerstelijnszorg te borgen hebben deze partijen in de Visie afspraken gemaakt over de versterking van de eerstelijnszorg. De partijen hebben samen de volgende missie opgesteld:
Vanuit deze kernwaarden kan de eerstelijnszorg een laagdrempelig eerste aanspreekpunt zijn en passende zorg dichtbij huis leveren.
Totstandkoming van de visie
De totstandkoming van de Visie is gerust een mijlpaal te noemen. Voor het eerst ligt er een heldere visie op de hele eerstelijnszorg waar heel veel verschillende partijen uit het veld hun handtekening onder hebben gezet. "We waren het vrij snel eens over de hoofdlijnen van de visie", blikt Aris terug op het proces. "Dat tekent de urgentie en de bereidwilligheid van alle partijen om echt stappen te gaan zetten."
Maar het proces kende ook hobbels. Het veld was soms verdeeld, tegengestelde belangen zetten de een soms tegenover de ander. "Er waren heel veel partijen betrokken: huisartsen, paramedici, fysiotherapeuten en apothekers. Soms speelden er gevoeligheden op. Huisartsen die zich achtergesteld voelden ten opzichte van de grote zorginstellingen bijvoorbeeld. Omvang, status, trots: dat speelt in zo’n proces allemaal mee."