Projecten

AEF'er Annemiek: 'Adviseurs kunnen veel leren van praktijkprofessionals'

Annemiek simone 2

Projecten

AEF’er Annemiek de Nooijer is arts, adviseur en in opleiding tot Arts Maatschappij + Gezondheid. Wat brengt zij vanuit haar medische achtergrond en praktijkervaring mee naar de adviseurstafel? Een interview met een kritisch denker en een pragmatische doener met een hart voor mensen. ‘Je moet bereid zijn om te durven differentiëren: het mag meer geld en middelen kosten om die ene persoon te kunnen helpen.’

Arts en Adviseur

'Ik was als arts altijd al geïnteresseerd in de manier waarop we onze gezondheidszorg organiseren en ik kijk graag op een brede manier naar de klachten en problemen waar mensen mee worstelen. Na mijn studie werkte ik in de volwassen-, jeugd- en kinderpsychiatrie en in de kindergeneeskunde, maar ik merkte dat ik mensen maar tot een bepaalde hoogte kon helpen. De sociaal-maatschappelijke issues die óók invloed hadden op hun gezondheid en welzijn kon ik niet oplossen.

De decentralisatie in de jeugdzorg was gaande en ik dacht: wat gebeurt hier? En waaróm gebeurt dit? Ik voelde sterk de behoefte om mij ertegenaan te bemoeien en na te denken over de gevolgen van zo’n beleidsverandering voor de praktijk. Maar vanuit mijn rol als arts kon dat niet, in ieder geval niet op een manier waarin ik echt iets kon veranderen. Dat was het moment waarop ik dacht: volgens mij kan ik vanuit een andere rol óók veel toevoegen aan de gezondheidszorg en volksgezondheid. Dat bracht me bij AEF, waar ik als adviseur een bijdrage kan leveren aan veel verschillende trajecten in de zorg, vanuit mijn perspectief als arts.

Een jaar geleden ben ik ook begonnen met de opleiding tot Arts Maatschappij + Gezondheid. Daarin gaat het in essentie ook over de vraag: hoe houden we mensen zo veel mogelijk gezond en hoe richten we onze (publieke) gezondheidszorg in? Precies waar ik me in mijn projecten voor AEF mee bezighoud. Dat vind ik heel boeiend. Ik kan mijn medische achtergrond en praktijkervaring heel mooi combineren met de kant van beleidsontwikkeling en organisatie van de gezondheidszorg.'

Annemiekde Nooijer2 42d
Ik voelde sterk de behoefte om na te denken over de gevolgen van een beleidsverandering voor de praktijk

Neem de professional mee: verandering dwing je niet af

'Ik kan me goed verplaatsen in professionals op de werkvloer en ik stel mezelf altijd de vraag: wat betekent dit voorstel of deze verandering voor de praktijk? Hebben we dit concreet genoeg uitgewerkt? Is dit haalbaar op ‘de werkvloer’? Is er genoeg tijd en ruimte om het bij professionals te laten landen? Ik vind dat wij als adviseurs nog veel meer kunnen en móeten leren van praktijkprofessionals. Vakkennis en praktijkkennis zijn cruciaal om in te kunnen schatten wat de tastbare gevolgen zijn van bepaalde keuzes in beleid. Mensen uit de praktijk weten wat er speelt en wat er nodig is, dus laten we ze betrekken bij de oplossingen die we verzinnen!

Een voorbeeld: er wordt veel gestuurd op samenwerking, maar samenwerken kost tijd, dat vraagt echt wat van mensen. Alleen ís die tijd er vaak niet. Maar als je daar geen rekening mee houdt, dan gaat het ook niet werken: verandering dwing je nou eenmaal niet af met een paar simpele regels op papier. Soms wordt er wel gekeken naar toepasbaarheid, maar niet naar de vraag of het voorgestelde beleid ook aansluit bij professionals en hoe zij de ruimte krijgen om eigenaarschap te hebben over een verandering die hen direct aangaat. Daar richt ik me sterk op: het ontwikkelen van nieuw beleid dat echt oog voor de praktijk heeft. Een vuistdik rapport schrijven is niet hetzelfde als daadwerkelijk een verandering doorvoeren in de praktijk van alledag.'

Ik hou me bezig met de vraag: hoe blijft de zorg toegankelijk voor kwetsbare groepen?

Kansengelijkheid in de zorg: durf ongelijk te investeren

'Ik heb van huis uit heel sterk het besef meegekregen dat ik geluk heb gehad met de omgeving en omstandigheden waarin ik ben geboren. Daar hoort ook de overtuiging bij dat je een paar stappen extra moet zetten om te zorgen dat mensen met mínder geluk dezelfde kansen krijgen. Die manier van denken heeft me gevormd, ook in mijn werk. Vanuit mijn projecten bij AEF hou ik me nu bezig met de vraag: hoe houden we onze zorg toegankelijk voor kwetsbare groepen? Mensen die goed onderwijs hebben gehad en soepel meedraaien in de maatschappij, weten de juiste hulp vaak wel te vinden. Maar er zijn ook groepen mensen die de routes naar ondersteuning en zorg níet kennen terwijl zij die juist heel hard nodig hebben. Dat zijn de mensen voor wie je als professional een paar stappen extra moet zetten.

Als we vinden dat iedereen dezelfde kansen verdient op een goede gezondheid, dan vind ik dat we ook bereid moeten zijn om extra investeren in de groepen voor wie die kansen niet vanzelfsprekend zijn. Door bewust en expliciet de keuze te maken om deze mensen meer aan te bieden. Je moet bereid zijn om te durven differentiëren: het mag meer geld en middelen kosten om die ene persoon te helpen. Dát is rechtsgelijkheid. Dan creëer je meer kansengelijkheid voor iedereen.

Een voorbeeld: ik ben betrokken bij het project Beter Samen in (Amsterdam) Noord waarin we onder meer kwetsbare gezinnen met problematische schulden willen ondersteunen die een kindje verwachten of een kindje hebben jonger dan een jaar. Als je vindt dat deze kinderen dezelfde kansrijke start verdienen als kinderen die opgroeien in een (financieel) gezonde omgeving, dan moet je het aandurven om de schulden van gezinnen met een relatief laag inkomen kwijt te schelden. Dat gaat wel degelijk óók over gezondheid, want financiële zorgen kunnen leiden tot veel stress en stress kan leiden tot zowel fysieke als mentale gezondheidsklachten.'

Arm in arm

Gezond zijn gaat óók over mentaal en maatschappelijk welzijn

'Als we echt willen investeren in kansengelijkheid op gezondheidsgebied, dan moeten we dat domeinoverstijgend aanpakken. Oftewel: niet alleen kijken naar het medische stuk, maar ook naar mentale problemen en het sociaal-maatschappelijk welzijn van mensen. Soms is het overlijden van een partner of het verliezen van een baan de oorzaak van allerlei medische of psychische problemen. Maar als je alleen kijkt naar een behandeling of medicijnen die de symptomen verlichten, dan kom je niet bij de kern van het probleem.

Je kunt bij hart- en vaatziekten meteen een pilletje voorschrijven - en vaak is dat ook nodig, maar je moet óók kijken naar andere factoren: schuldenproblematiek bijvoorbeeld, of leefstijl. Een goede gezondheid gaat over meer dan een goed functionerend lijf. Het gaat echt om een breder sociaal, maatschappelijk en economisch welzijn.

Daarvoor zul je moeten samenwerken: van zorginstellingen tot welzijnsorganisaties, van kinderarts tot praktijkondersteuner. Bijvoorbeeld in hoe je mensen kunt informeren en begeleiden om bepaalde gezondheidsproblemen en ziektes te voorkomen. De vervolgvraag is, en daar komen wij vanuit AEF vaak in beeld, hoe je die samenwerking mogelijk kunt maken. Wat vraagt dit van de betrokken partijen? Hoe faciliteer je die vanuit de landelijke of lokale overheid? Wie draagt de kosten? Wat is er voor nodig om dit bredere perspectief op gezondheid en welzijn om te zetten in zinvolle, betaalbare zorg voor iedereen? Dat is waar ik me in mijn werk mee bezighoud.'

Wil je meer weten, of heb je een vraag? Neem contact op met Annemiek. Ze komt graag met je in gesprek!

Deze zoekopdracht heeft geen resultaten opgeleverd. Probeer het met een andere zoekterm