Case

Internationale erkenning van boetes

Veiligheid en Justitie

In 2005 is een Europese kaderbesluit over de wederzijdse erkenning van geldelijke sancties aangenomen. EU-landen kunnen voor elkaar boetes innen, denk aan het CJIB dat een boete int voor een verkeersovertreding die in Frankrijk is geconstateerd. In de praktijk verloopt samenwerking tussen organisaties in de strafrechtketen in de verschillende EU-lidstaten echter nog lang niet altijd vlekkeloos. Daardoor worden veel grensoverschrijdende boetes niet geïnd. 

In opdracht van de Europese Commissie (Directoraat-Generaal Justice) heeft AEF samen met Matrix Insight Ltd. (London) een impactanalyse uitgevoerd.  AEF heeft de aard en omvang van het probleem in kaart gebracht en de impact in beeld gebracht van beleidsopties die door de Commissie zijn voorgesteld. Daarbij is onder andere een schriftelijke enquête uitgevoerd in alle EU-lidstaten, en zijn 'impact case studies' en stakeholderinterviews in 12 lidstaten uitgevoerd. 

Eindproduct van de opdracht is een rapportage waarin Matrix en AEF de Europese Commissie hebben geadviseerd over specifieke beleidsopties. Om de executieratio van grensoverschrijdende boetes te verhogen, dienen lidstaten volgens het advies meer te worden gefaciliteerd bij het toepassen van het kaderbesluit. Het advies zegt verder dat niet-juridische beleidsopties (communicatiestrategieën, trainingen, workshops) naar verwachting meer effectief zullen zijn dan juridische ingrepen. .